Europa

Het "alternatieve" kamperen

 

Schotse hooglanders - Denemarken

De afgelopen maanden zijn de vakantiebestemmingen ons om de oren gevlogen. Bij wie je ook op de koffie of thee kwam, nog vóór het tweede bakje kreeg je het wel en wee van dé boeking van het jaar te horen.

Nog dagelijks staan de kranten vol met aantrekkelijke (en voor Genoeg-lezers ook zeer onaantrekkelijke!) aanbiedingen. Wordt het een peperduur, maar o zo comfortabel verblijf in een veel sterren hotel, een huisje met alles erop-en-eraan in een bungalowpark, een familie-camping met recreatie-team, een fietsvakantie, een voettocht (naar Rome, oké), een verblijf in eigen achtertuin of , last but not least, een "alternatieve" kampeervakantie.

Wij, moeder, vader en 4 kinderen in de leeftijd van 3 tot 15 jaar, wagen ons al jaren aan de "alternatieve" kampeervakantie. Hoezo alternatief? Voor ons is het gewoon, zo heerlijk gewoon. Zo lekker "net als vroeger". Toen campings nog toegankelijk waren zonder stop-of-ik-schiet slagboom, toen je nog kon kiezen uit 'maar' twee veldjes en (heerlijkheid) er nog geen kantines waren met tv, zodat de kampeerders wel gedwongen werden hun avonden op een creatieve manier door te brengen.

De laatste jaren worden wij geplaagd door een intense afkeer van de gemiddelde nederlandse camping, omdat wij ons (als volwassenen welteverstaan) doodongelukkig voelen tussen al die 'last fashion' trainingspakken, schreeuwend luxe (sta)caravans, straalverwende kinderen - alleen zoet te houden door het recreatieteam - en de kleine, door keurige bomenrijtjes afgebakende kampeerplaatsen. Uit onze 'net op eigen benen en weinig te makken tijd' herinnerden we ons beiden de eenvoudige terreintjes van Staatsbosbeheer. Twee wc's, één douche en buiten een paar kranen met koud water. Het kampeergeld deponeerde je in een soort brievenbus.

Maar eerlijk is eerlijk, onze kinderen zouden het ons zeker niet in dank afnemen als we drie weken op een dergelijk kampeerterrein gingen staan. Zeker de oudste van 14 zou zich hoogst waarschijnlijk te pletter vervelen. De jongsten vermaken zich nog wel met andere kinderen en allerhande zelfbedachte spellen. Ook de afwezigheid van zwemwater kan problemen opleveren. Dus wat dan?

Dat de Vakantiebeurs ook voor ons, consuminderaars nuttig kan zijn bewijst het feit dat wij uitgerekend dáár, bij een stand van de Vekabo, onze eerste ideale camping vonden. Een kleine camping bij de boer, voorzien van eenvoudig maar voldoende en schoon sanitair (inmiddels uitgebreid), speeltoestellen, zandbakken, een klein zwembad, net genoeg om even in af te koelen, géén slagboom, auto's op de parkeerplaats, ruime plaatsen en een lieve boerin en boer die op gezette tijden als recreatieteam fungeerden en allerlei leuke dingen met de kinderen ondernamen (boerderijcamping 't Eyveld in Beesel, Limburg). De kinderen waren toen nog een stuk jonger, ze hebben zich er nooit een moment verveeld. En wij volwassen kampeerders, wij voelden ons eindelijk begrepen en bemind door onze mede-campingbewoners.

Via de ECEAT, het Europees Centrum voor Eco Agro Toerisme, kwamen we vervolgens terecht op de biologische boerderijcamping De Brömmels van Bert en Ellen Kots in Woold (bij Winterswijk). Daar ging pas echt een wereld voor ons open. Een prachtige omgeving, waar je heerlijk kunt fietsen en wandelen (en bosbessen plukken). Een natuurijk strandbad op enkele kilometers fietsen van de camping. Bert en Ellen runnen (samen met hun dochter en de ouders van Bert) een klein, gemengd boerenbedrijf op biologische wijze. Omdat dit niet rendabel was zijn ze met de camping begonnen. Over het terrein stroomt een beekje en er is een, min of meer omheinde, natuurlijke vijver. Het afvalwater uit het toiletgebouw wordt gereinigd door middel van rietfiltratie. De toiletten worden weer gespoeld met dit 'grijze' water. Er worden koeien (mét horens!) gehouden, geiten, kippen, twee schapen (Ellen's huisdieren) en een aantal paarden. Er is een winkeltje waar zelfgemaakte zuivelprodukten verkocht worden, onder meer de inmiddels beroemde en zeer smaakvolle geitenkaas. Kampeerders mogen meehelpen bij het verzorgen en melken van de dieren. Een enkele keer zelfs worden kampeerders (uiteraard op vrijwillige basis) ingeschakeld bij het kaasmaken. Bert en Ellen kunnen uren vertellen over hun liefde voor de dieren, het onstaan van het bedrijf, hun drijfveren om biologisch te werken en over de schitterende omgeving.

kamperen bij Bert en Ellen

We hebben er altijd een prachtige, ruime kampeerplek, rondom in de koeien, en de kippen wandelen vrolijk om en door de tent. Auto's staan op de parkeerplaats en mogen alleen voor laden en lossen het kampeerterrein op.

Wat ons met name op deze camping is opgevallen, is dat er een zelfde soort mensen komt. Consuminderaars, natuurgenieters, mensen die afgeknapt zijn op de doorsnee nederlandse camping. Mensen met respect voor elkaar, voor de rust en de natuur.Voor kinderen in alle leeftijden is het er eindeloos. Onze oudste verkondigde twee jaar geleden dat ze niet meer van plan was om vier weken aan één stuk op 'die saaie boerderijcamping tussen al dat kleine grut' te gaan zitten. Dus gingen we eerst twee weken naar Bert en Ellen om vervolgens de laatste twee weken door te brengen op een 'gezinscamping met recreatieteam, verwarmd zwembad, sportveld, kantine'. Ja, mét televisie en nog veel meer ellende in de vorm van hangjeugd-op-scooters, knettermuziek en een toonbank vol zoetigheid, alcohol en snacks.

Tot groot verdriet van oudste dochter moest ze na twee weken boerderijcamping een grote en lieve vriendenkring achterlaten, waarmee ze een intense band had opgebouwd door de eindeloze gesprekken rond kampvuur en tijdens 'honden-uitlaat-sessies'. Eenmaal op de door haar zo begeerde camping met alles erop- en-eraan, verveelde ze zich de eerste week halfdood. Ze verlangde terug naar de knusse omgeving en de vrienden op de boerderijcamping. En deden wij volwassenen dat ook niet!? We stonden aan de rand van het sportveld en zaten regelmatig om 7.00 uur 's morgens stijf rechtop in bed omdat er achter onze tent een braderie of circus werd opgezet. Onze verdere ergernissen zal ik jullie besparen. De eerlijkheid gebiedt mij wederom te zeggen dat de jongste drie kinderen zich ook hier prima vermaakten. Tja...

Wij hebben niet alleen in Nederland maar ook in Frankrijk en Denemarken hele goede ervaringen opgedaan met 'kamperen bij de boer'. Met name de SVR (Stichting Vrije Recreatie) is goed vertegenwoordigd in Frankrijk. Hier stonden we telkens weer versteld van de enorm grote kampeerplaatsen waarop we mochten staan, de rust en de ruimte. We vonden een hele mooie SVR-camping bij Jean en Patricia Coelis (nr. 24 uit de Frankrijk-lijst) in Bretagne, gelegen rondom voormalige zoutpannen.

Vorige zomer in Denemarken brachten we enkele supervakantiedagen door op de SVR-camping van Jens en Nickel Jensen in Højer (nr. 11 van de Denemarken-lijst). Het is een zeer eenvoudige camping omgeven door grazende Hooglanders. We mochten het meemaken dat er twee Hooglander-kalfjes geboren werden. En we smaakten letterlijk het genoegen van versgerookte zalmforel, gevangen en gerookt door de bejaarde (!) buurvrouw van Jens en Nickel. Verder naar het noorden in Denemarken vind je de prachtig aangelegde SVR-camping van de familie Blaauw in Nørre Snede (nr. 2 van de Denemarken-lijst). Het is een friese familie die jaren geleden haar bestaan in Nederland heeft verruild voor een boerenbedrijf annex camping in Denemarken. Ook hier staan gastvrijheid, vriendelijkheid en liefde voor de natuur voorop.

Kleinschalige campings die rust, respect voor mens en natuur , eenvoud, vriendelijkheid en vooral gastvrijheid hoog in het vaandel hebben staan, zijn tegenwoordig ruim aanwezig zowel in Nederlands als in de rest van Europa. Het zijn campings die aangesloten zijn bij organisaties zoals Vekabo (Kamperen bij boer en tuinder), SVR (Stichting Vrije Recreatie, kamperen bij de boer), ECEAT (Europees Centrum voor Eco Agro Toerisme), Stichting Natuurkampeerterreinen ("Het Groene Boekje", alleen voor Nederland) en de ANWB (gids "Kleine Campings", voor diverse landen in Europa).

SVR camping fam. Blaauw - Denemarken

De ECEAT heeft bij mij een zwak plekje omdat het mogelijkheden biedt om ecologisch verantwoord vakantie te vieren. Het heeft als doelstelling 'het bevorderen van kleinschalig toerisme op het platteland' en probeert zo waardevolle natuur- en cultuur-landschappen te behouden in heel Europa. De Verenigde Naties hebben 2002 uitgeroepen tot het Internationaal Jaar van het Duurzaam Toerisme. Reden genoeg voor de Eceat om hier in hun Nieuwsbrief van december 2001/januari 2002 uitgebreid aandacht aan te besteden.

Aankomende zomer zijn wij voornemens weer met ons gezin naar Roemenië te gaan. In dit land bevindt zich een zonneboiler-project van de ECEAT, in Adorianu vlakbij Tîrgu Mures. Het is zeker onze bedoeling hieraan een bezoek te brengen. Ook op doorreis door Hongarije zullen we proberen kampeerterreinen van de ECEAT (en van de SVR) te vinden.

Voor specifieke gegevens omtrent de genoemde organisaties, campings, prijzen en dergelijke verwijs ik naar de hieronder genoemde adressen en websites.

VeKaBo

VeKaBo
Havenstraat 14
9591 AK Onstwedde
T 0599-333355 / 06-53938467
W www.vekabo.nl

SVR

Stichting Vrije Recreatie
Broekseweg 75
4231 VD Meerkerk
T 0183-352741
F 0183-351234
E info@svr.nl
W www.svr.nl

Natuurkampeerterreinen

Stichting Natuurkampeerterreinen
"Het Groene Boekje"
Postbus 413
3430 AK Nieuwegein
T 030-6033701 (di. t/m vrij van 10.30 - 12.30 uur)
E info@ natuurkampeerterreinen.nl
W www.natuurkampeerterreinen.nl

Eceat

ECEAT Nederland
Postbus 10899
1001 EW Amsterdam
T 020-6681030
F 020-4630594
E eceat@antenna.nl
W www.eceat.nl

©Patricia Holdinga
Zaltbommel
E-mail: patricia@holdinga.com

 

Dit artikel was te lezen in het blad Genoeg nr.31 van april/mei 2002